Wist u ... (Leven met)

Op deze pagina: WIST U

Mogen mensen met een verminderde werking van het immuunsysteem zomaar probiotica gebruiken?

Er zijn geen aanwijzingen dat aan de normale consumptie van probiotica door gezonde mensen risico’s zijn verbonden. Dit concludeert het bureau Risicobeoordeling van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (VWA). Er is evenmin reden om aan te nemen dat probiotica onveilig zijn voor gezonde ouderen, zwangere vrouwen en zuigelingen. Het bureau Risicobeoordeling adviseert wel om nog nader onderzoek te doen naar eventuele risico’s bij zwangere vrouwen en zuigelingen.
Mensen met een sterk verminderde werking van het immuunsysteem of ernstige darmziekten wordt aangeraden eerst hun behandelende arts te raadplegen voordat zij probiotica gebruiken.
Probiotica zijn bacteriestammen. Elke stam heeft bepaalde eigenschappen. Nieuwe inzichten geven aan dat de werking per stam kan verschillen. Daarom adviseert het bureau Risicobeoordeling dat er voor nieuw geïntroduceerde stammen een systematische veiligheidsbeoordeling moet komen conform de daarvoor bestaande verordeningen.

Top

Schaaf- en snijwonden: symptomen en mogelijke problemen

Hoe kan men vaststellen of een schaaf- en snijwond goed geneest? Het is zeer belangrijk om er voor te zorgen dat de wonde en de huid er rond steriel blijft. In dat geval is het infectierisico klein. Tekenen van een ontstekingsreactie zijn: vocht of etter, pijn, koorts, roodheid rond de wonde, opzwelling of een warmtegevoel rond de kwetsuur. Indien u een van deze symptomen vaststelt is het raadzaam een arts te raadplegen. Om te voorkomen dat de infectie zich verder zet is het meestal voldoende om een zalf of crème met antibiotica aan te brengen. Bij een aantal mensen genezen schaaf- en snijwonden veel trager. Denk hier vooral aan diabetici, mensen die medicijnen gebruiken die de huid uitdrogen en dunner maken (prednisone is daar een voorbeeld van, het is een corticosteroïde dat o.a. gebruikt wordt bij reumatoïde artritis), mannen en vrouwen die gebruik maken van warfarine (een product dat de bloedstolling vertraagt). Schaaf- en snijwonden genezen ook veel trager bij patiënten die chemotherapie krijgen en waarvan het immuunsysteem duidelijk is verzwakt door ondermeer het gebruik van immunosuppressieve medicatie.

Bron: www.abcgezondheid.be

Bewerking en geplaatst: Mia, 19 maart 2010

Top

Wat zijn bacteriën? Wat is een bacteriële infectie?

Wat zijn bacteriën?
Bacteriën zijn zeer kleine, onzichtbare micro-organismen (= microben, ziektekiemen), die slechts uit één enkele cel bestaan. Er zijn duizenden verschillende soorten bacteriën, waarvan maar een klein deel voor problemen kan zorgen.
Bacteriën bevinden zich overal in de natuur. Het is normaal dat er bacteriën in en op het lichaam leven. Ze komen voor op de huid, in de darmen, de mond, de geslachtsorganen en de slijmvliezen. Ze verspreiden zich o.a. door intermenselijk contact en contact met besmette (= geïnfecteerde), dieren, voedsel, water, afval en voorwerpen.
Bacteriën vermenigvuldigen zich door ongeslachtelijk celdeling. In de darm spelen de zogenaamde commensale bacteriën (= darmflora) een belangrijke rol bij de spijsvertering.
Dankzij het natuurlijke afweersysteem (= immuunsysteem) kunnen bacteriën normaal gesproken niet in het lichaam binnendringen of worden daar onschadelijk gemaakt.

Wat is een bacteriële infectie?
Een bacteriële infectie is een ontsteking die door bacteriën wordt veroorzaakt. Sommige bacteriën zorgen ervoor dat iemand ziek wordt. Deze ziekmakers zitten bijvoorbeeld in het eten, worden ingeademd of komen door een wondje het lichaam binnen. Ook zijn sommige soa's (seksueel overdraagbare aandoeningen), zoals chlamydia en gonorroe, voorbeelden van bacteriële infecties.
Het hangt van het type bacterie af wat voor problemen er ontstaan. Toch zijn er wel enkele algemene klachten die bij een bacteriële infectie kunnen voorkomen, zoals koorts en opgezette lymfeklieren. Dit zijn namelijk aanwijzingen dat het afweersysteem bezig is om ziekmakers uit het lichaam te verwijderen. Het kan daarbij ook om een virus gaan. Bij een huidinfectie is de huid vaak rood en/of opgezet. Etter is een duidelijk teken dat er een bacteriële infectie is.
Bij mensen met een verminderde weerstand, zoals kanker-, suiker- en RA-patiënten, ontstaan sneller bacteriële infecties en de gevolgen kunnen ook groter zijn. Het afweersysteem van gezonde mensen kan bacteriën namelijk makkelijker de baas dan de verzwakte afweer van zieke mensen.
Tegen een bacteriële infectie krijgt u antibiotica. De arts moet eerst weten om welke bacteriën het gaat, omdat niet elk antibioticum werkt bij alle bacteriën. Vaak kan de arts aan de klachten al zien om welke het gaat, maar soms moeten de bacteriën op kweek gezet worden. Ze worden dan onderzocht in een laboratorium.

Andere vormen van infecties zijn virale infecties (door een virus), schimmelinfecties en parasitaire infecties (door parasieten).

www.kennisRing.nl
www.consuMed.nl
Bewerking: Mia, 16 februari 2010

Top

WAAROM EEN BIJSLUITER BIJ UW GENEESMIDDELEN?

Wettelijke verplichting

De wet verplicht de geneesmiddelenproducent schriftelijke informatie te geven over het geneesmiddel dat hij op de markt brengt. De bijsluiter geeft zowel aan de arts, de apotheker als aan de patiënt informatie over de werking, de nevenwerkingen en het juist gebruik van het geneesmiddel.

Rubrieken in de bijsluiter

De bijsluiter is onderverdeeld in vaste rubrieken. De volgorde kan verschillen.

Benaming: De benaming is de naam waaronder het geneesmiddel verkocht wordt.

Samenstelling: In dit onderdeel zijn de verschillende scheikundige producten opgesomd waaruit het geneesmiddel bestaat. De eerste producten vormen het eigenlijke geneesmiddel. De volgende producten zorgen voor de stevigheid of dienen als vulmiddel, maar hebben geen geneeskrachtige werking.

Vorm en verpakking: Geneesmiddelen bestaan in verschillende vormen, bv. tablet, bruistablet, inspuiting, zetpil, druppels, zalf. De rubriek ‘vorm en verpakking’ geeft aan onder welke vorm het geneesmiddel op de markt is en hoeveel er in een verpakking zit. De vorm wordt vermeld op de verpakking van het geneesmiddel.

Eigenschappen: In deze rubriek wordt beschreven wat het geneesmiddel in het lichaam doet.

Indicaties: Indicaties zijn de ziekten of ongemakken die door het geneesmiddel kunnen bestreden worden. Een geneesmiddel kan aangewezen zijn bij verschillende ziektebeelden. Een ernstige ziekte in het rijtje van indicaties betekent niet dat u daaraan lijdt.

Posologie of dosering: Hoeveel van het geneesmiddel mag ingenomen worden, leest u bij ‘posologie of dosering’. Vaak is de juiste hoeveelheid apart aangegeven voor kinderen en volwassenen. Ook de duur van inname en de maximale dosis per dag worden beschreven. Volg hierbij steeds het voorschrift van de arts. Hij/zij kan beslissen om een aangepaste dosis voor te schrijven.

Toedieningswijze: Deze rubriek is zeer belangrijk. Hij geeft weer op welke manier het geneesmiddel juist moet gebruikt worden: vóór, tijdens of na het eten bijvoorbeeld. Medicatie correct innemen is van belang voor de goede werking ervan. Voor het aanbrengen van zalf op een wonde, moet de huid gereinigd en ontsmet zijn.

Contra-indicaties: Contra-indicaties zijn de omstandigheden waarin het gebruik van het geneesmiddel schadelijk kan zijn en daarom vermeden moet worden.

Nevenwerkingen of ongewenste effecten: Elk geneesmiddel is bedoeld om bepaalde ziekten of symptomen te bestrijden. Onvermijdelijk zijn er ook ongewenste effecten. Alle mogelijke - meestal vervelende - gevolgen van het gebruiken van het geneesmiddel worden vermeld. Dit betekent niet noodzakelijk dat u daadwerkelijk last zal hebben van deze problemen. Contacteer uw huisarts als dit wel het geval is.

Bijzondere voorzorgen: Bij een verhoogde kans op nevenwerkingen, kan u een aantal voorzorgen nemen. Raadpleeg uw arts. Iedere patiënt is immers anders.

Zwangerschap en lactatie: Meestal is het niet aan te raden geneesmiddelen in te nemen tijdens de zwangerschap of tijdens de periode van borstvoeding.

Interactie: Bij inname van meerdere geneesmiddelen tegelijk beïnvloeden deze verschillende producten elkaar: ze kunnen elkaar versterken of elkaars werking verminderen. Ook het drinken van alcohol of het eten van bepaalde voedingsstoffen kan de werking van een geneesmiddel beïnvloeden.

Besturen van voertuigen en gebruik van machines: Deze rubriek bevat meestal een waarschuwing voor een daling van de concentratie tijdens het gebruik van het geneesmiddel. Autorijden, machines en huishoudelijke toestellen gebruiken kan daardoor gevaarlijk zijn.

Overdosering: Bij elk geneesmiddel bestaat het gevaar een te grote hoeveelheid in te nemen. Welke symptomen er dan optreden en hoe u de gevolgen voor de gezondheid kan beperken, is vermeld bij ‘overdosering’. Contacteer het Antigifcentrum (070 245 245) vooraleer zelf iets te ondernemen.

Houdbaarheid of stabiliteit: In deze rubriek wordt gesproken over de vervaldatum. Meestal wordt verwezen naar de verpakking.

Bewaring: Naargelang het soort en de vorm wordt een geneesmiddel op kamertemperatuur, op een koele plaats of in de koelkast bewaard. De aanwijzingen hiervoor staan onder ‘bewaring’.

Adressen: Hier staat de naam en het adres van de producent en van de verdeler vermeld.

Geen bijsluiter

Een aantal geneesmiddelen wordt door de apotheker zelf gemaakt uit basisstoffen die hij in zijn apotheek heeft. Dit zijn magistrale bereidingen. Ze zijn meestal verpakt in een klein doosje met enkel een codenummer en een beknopte gebruiksaanwijzing erop. Vermits er geen bijsluiter geleverd wordt, is het belangrijk om voldoende informatie te vragen bij de dokter en de apotheker.

Vervaldatum

Op de verpakking van een geneesmiddel wordt aangegeven wanneer het werd gemaakt en tot hoe lang het houdbaar is.

LOT: geeft de datum aan waarop het geneesmiddel werd gemaakt. Eerst wordt het jaartal, nadien de maand en tenslotte de dag aangegeven. De maand wordt weergegeven met een letter. A = januari, B = februari, …

EXP: geeft aan wanneer het geneesmiddel vervalt. Een voorbeeld: dit staat op de verpakking: LOT 05 C 20; Exp. 1/5/2010. Het geneesmiddel werd gemaakt op 20 maart 2005 en vervalt op 1 mei 2010.

Bron: Uittreksel uit www.cm.be/nl/100/uwgezondheid/


Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG)

De Vice-Premier en Minister van Volksgezondheid, Laurette Onkelinx, kondigde het maandag 11.01.2010 tijdens een persconferentie aan: het FAGG stelt nu op haar website de samenvattingen van de kenmerken van het product (SKP) en de bijsluiters voor het publiek, van geneesmiddelen voor menselijk of diergeneeskundig gebruik, vergund en gecommercialiseerd in België, ter beschikking van de beoefenaars van de gezondheidszorgberoepen (voor mens of dier) en de patiënten. Deze documenten zijn nu vrij toegankelijk op haar website via de rubriek “Samenvattingen van de Kenmerken van het Product en Bijsluiters”

Geplaatst: 31 januari 2010

Top

ALLERGISCH VOOR GENEESMIDDELEN

Ons afweersysteem beschermt ons tegen ziektekiemen, maar slaat soms door. Normaal gesproken beschermt ons afweersysteem ons tegen allerlei lichaamsvreemde stoffen die mogelijk schadelijk zijn. We hebben ons afweersysteem hard nodig, omdat het ons verdedigt tegen bacteriën en virussen. Maar soms werkt dit afweersysteem anders dan we verwachten en probeert het ook niet ziekmakende elementen (bijvoorbeeld huisstofmijt, kleurstoffen en bestanddelen van pinda's en geneesmiddelen) op te ruimen. Tijdens zo'n opruimactie komt er een stofje in ons bloed: histamine. Histamine leidt tot allergische reacties waaronder huiduitslag {galbulten/netelroos}, jeuk, verlaging van de bloeddruk, een loopneus, waterige ogen, zwelling en soms benauwdheid. Meestal treden deze klachten binnen enkele minuten na het contactmoment op, soms kan de reactie echter ook enkele uren of zelfs enkele dagen op zich laten wachten.

Allergie en intolerantie voor geneesmiddelen
Voordat iemand werkelijk allergisch is tegen een bepaalde stof, moet hij er al eerder mee in aanraking zijn geweest. Tussen het eerste contact en het optreden van de allergische reactie kunnen een paar dagen tot vele jaren verlopen. Het afweersysteem wordt namelijk bij de eerste blootstelling geprikkeld en is pas dan specifiek gevoelig voor die stof. Hernieuwd contact kan een allergische reactie opwekken. Door sommige stoffen wordt eenvoudiger een allergie opgewekt dan bij anderen. Soms kan het heel lang duren voordat een allergie ontstaat.

Ons afweersysteem kan een geneesmiddel bij hernieuwd contact snel identificeren, om vervolgens histamine vrij te maken en daarmee de allergische reactie op te starten. Maar er zijn ook bijwerkingen die op een allergische reactie lijken, maar dat niet zijn. Zo kunnen sommige mensen sterker reageren op een medicijn dan anderen, waardoor ze dit medicijn niet goed verdragen. Dat heet intolerantie. Intolerantie en bijwerkingen werken niet via het immuunsysteem. Ze kunnen dus - anders dan een allergie - al bij het eerste gebruik optreden.

Ook maken bepaalde geneesmiddelen de huid bijzonder gevoelig voor zonlicht (fotosensibiliteit). Tot deze geneesmiddelen behoren onder meer bepaalde middelen tegen psychose, antibiotica (tetracycline/doxycycline/ sulfa-preparaten), chloorthiazide en een aantal kunstmatige zoetstoffen. Er verschijnt geen uitslag als het geneesmiddel wordt ingenomen, maar wanneer de huid na verloop van tijd wordt blootgesteld aan de zon, wordt een deel van de huid rood en ontstaat jeuk.

Het is niet makkelijk vast te stellen of er sprake is van een allergie voor een medicijn, een bijwerking of intolerantie. Dat is ook niet altijd nodig. De belangrijkste conclusie is dat u dit medicijn beter niet meer kunt gebruiken.

Bij welke middelen komen allergische reactie vaak voor?
Geneesmiddelallergieën komen vooral voor bij antibiotica, en dan met name bij penicillineachtige geneesmiddelen. Daarnaast komt allergie ook vaak voor bij ontstekingsremmende pijnstillers (NSAIDs), middelen die bij de anesthesie worden gebruikt en sommige insuline. Daarnaast kunnen mensen ook allergisch reageren op een hulpstof die in een medicijn verwerkt is. Dat komt vooral voor bij middelen voor de huid, zoals zalf op basis van wolvet. Ook conserveringsmiddelen in drankjes of druppels kunnen een allergische reactie uitlokken. In de apotheek kunnen ze precies vertellen welke hulpstoffen in welke medicijnen zitten. Hoewel zeer zeldzaam, kan het gebeuren dat je wel tegen het ene merk geneesmiddel kan en niet tegen het andere. Dit ligt dan doorgaans aan de hulpstof.

Wat moet ik doen als ik een acute allergische reactie heb?
In geval van een allergische reactie moet men direct contact opnemen met de behandelend arts. Afhankelijk van de ernst van de klachten wordt bekeken of je onmiddellijk moet stoppen of dat er andere maatregelen moeten worden getroffen. Bij een ernstige allergische reactie is stoppen noodzakelijk. Is de reactie milder, dan heeft de arts twee opties.

  1. Hij kan stoppen met het medicijn en een ander middel voorschrijven. Als een hulpstof problemen geeft, kan de apotheker helpen door na te gaan welke hulpstoffen er in het middel zitten;
  2. Hij kan doorgaan met het medicijn als er geen alternatief is. Soms wordt de allergische reactie na verloop van tijd minder.

Tot slot enkele praktische tips bij allergie voor geneesmiddelen
Ons afweersysteem onthoudt alles, terwijl wij zelf wel eens wat vergeten. Tips voor iemand die allergisch is voor een bepaald geneesmiddel:

  1. Draag altijd een geneesmiddelpaspoort (inclusief lijst met allergieën) bij je.
  2. Vertel je behandelend arts dat je allergisch bent voor bepaalde geneesmiddelen.
  3. Zorg dat je de algemene (chemische of stof-) naam van het geneesmiddel kent zodat je steeds kan nazoeken of je het juiste geneesmiddel krijgt.
  4. Maak samen met de arts een lijst geneesmiddelen die je wel mag gebruiken.
  5. Vermijd het gebruik van het verdachte geneesmiddel én groepsverwante geneesmiddelen.
  6. Als je allergisch bent voor bepaalde medicijnen of hulpstoffen, laat dat dan je apotheker weten. Die informatie kan dan worden opgenomen in jouw elektronisch dossier. Elke keer wanneer je daarna weer een medicijn op recept komt ophalen in de apotheek, wordt er op gecontroleerd of je dit middel kunt gebruiken.
  7. Let ook op als je een medicijn zonder recept koopt, want ook vrij verkrijgbare medicijnen kunnen deze hulpstoffen bevatten.

Bart van den Bemt, apotheker
Bron: uittreksel uit In Beweging, december 2009

Top

Tongschraper liquideert meer dan 300 bacteriën

Niemand ontkent dat het belangrijk is om de tanden te poetsen na een maaltijd, maar daar houdt de mondhygiëne niet op. Weinig mensen realiseren zich dat de tong ook een bron is van bacteriën. Niet overtuigd? Neem een spiegel en kijk naar je tong. Overal ontdek je kleine kloofjes. Dat is normaal, maar het is ook daar dat miljoenen bacteriën een meestal 'onbesproken' onderkomen vinden. In de mond van iedere mens kunnen er - zonder de juiste verzorging - meer dan driehonderd soorten bacteriën aanwezig zijn. Indien men onvoldoende mondhygiëne toepast, resulteert dit in een slechte adem én ontstaan er gemakkelijk te vermijden gezondheidsproblemen die te maken hebben met een verlaagde immuniteit. Sommigen proberen hun tong te reinigen met een zachte tandenborstel. Dat is niet comfortabel en nog minder efficiënt.

In India weet men al eeuwenlang dat een tongschraper, samen met een tandenborstel de beste garantie biedt op een frisse adem en een verbeterde immuniteit en weerstand tegen ziekten.

Bron: ABC gezondheid Nieuwsbrief 127 - 06/08/09

Top

Hoe minimaliseer je de nevenwerking van medicijnen?

Als mensen medicijnen op een goede manier gebruiken, kunnen ze de kwaliteit van leven verbeteren. Maar hoe meer medicijnen men inneemt, hoe groter het risico is op neveneffecten. Van alle mensen die langdurig geneesmiddelen gebruiken, slikt 17 procent vijf of meer verschillende geneesmiddelen tegelijkertijd. Het biochemisch combineren van geneesmiddelen is een ingewikkelde klus. Elk middel heeft zijn eigen werking en zijn eigen mogelijke bijwerkingen. Bovendien hebben veel medicijnen invloed op elkaar. Ze kunnen elkaar prima aanvullen, maar ze kunnen ook vervelende bijwerkingen versterken of verzwakken. Wanneer mensen verschillende medicijnen gebruiken, neemt de kans op bijwerkingen toe. In sommige gevallen kan dit zelfs leiden tot ziekenhuisopnames.

Ook naarmate men ouder wordt, loopt iedereen meer kans op bijwerkingen. Medicijnen werken langer bij ouderen dan bij jongere mensen. Dat komt doordat de lever en nieren er langer over doen om het medicijn af te breken en uit het lichaam te verwijderen.

Neveneffecten geneesmiddelen

Het spijsverteringskanaal is een belangrijk onderdeel van het lichaam. Eén van de taken is het afweersysteem in optimale conditie houden. Met het spijsverteringsstelsel worden alle organen bedoeld die samen zorgen voor de voedselvertering. Aan de basis van verschillende spijsverteringsklachten (winderigheid, buikkrampen, diarree,…) liggen meestal ongezonde voedingsgewoonten: overvloedig alcohol gebruik, sterk gekruid voedsel, te vetrijke maaltijden, overmatig gebruik van koolzuurhoudende dranken, … Ook geneesmiddelen kunnen ongemakken van het spijsverteringsstelsel uitlokken. Het meest extreme voorbeeld is antibioticagebruik. Sommige breedspectrum antibiotica wijzigen de microbiële darmflora drastisch. Ziekmakende micro-organismen (bacteriën, gisten, schimmels) krijgen de kans om zich ongeremd te ontwikkelen. De overgroei van sommige van deze ziekmakende soorten verstoort het evenwicht van de darmflora. Vaak is diarree het gevolg.

Uit: www.abcgezondheid.com

Geplaatst: 18 mei 2009

Top

Wat is het beste tijdstip voor een calciumsupplement?

Voedingsdeskundigen en artsen raden aan om calciumaanvullingen samen in te nemen met het ontbijt en de avondmaaltijd. Het is immers op dit ogenblik dat de zuurtegraad van de maag haar hoogste peil bereikt. Calcium heeft een zeer zure omgeving nodig om optimaal te worden opgenomen. Ook gedurende de dag is het aangewezen om kleine tussendoortjes die rijk zijn aan calcium te eten. Dat moet voorkomen dat het calciumgehalte in het bloed te veel daalt. Nogal wat mensen verkiezen om hun calciumsupplement bij het avondeten te nemen, dit omdat ze er beter door kunnen slapen. Vergeet, zeker in de wintermaanden, niet dat calcium ook vitamine D nodig heeft om goed te worden opgenomen. Gedurende de zomermaanden levert de zon de vitamine D gratis. Tijdens de donkere wintermaanden is het aan te raden om een supplement te kopen die een combinatie levert van calcium en vitamine D3.

Bronnen: ABCgezondheid.com; e-ReumaNet Nieuwsbrief

Geplaatst: 2 mei  2009

Top

Wat betekent: geneesmiddelenonderzoek: dubbelblind testen

Deze methode wordt vooral gebruikt in proeven met geneesmiddelen, om het placebo-effect (zie in deze rubriek 'wat een placebo betekent') uit te sluiten. Als de effectiviteit van een geneesmiddel moet worden onderzocht, wordt een deel van de patiënten het middel gegeven, een ander deel een gelijk uitziend, doch volledig onwerkzaam middel. Dit gebeurt echter dubbelblind - noch de patiënt, noch de dokter weet wat de patiënt krijgt. Op deze manier is het verschil tussen middel en placebo inderdaad de werkzaamheid van het medicijn, en wordt het niet veroorzaakt door het vertrouwen van patiënt of arts in het middel, of door vertekende waarneming.

Het blijkt namelijk dat zowel de verwachting van de onderzoeker als die van de patiënt een sterk effect op de perceptie van de werkzaamheid van een middel hebben. De patiënt die zonder dit te weten een tabletje geperste poedersuiker mee naar huis krijgt rapporteert zeer vaak (10-20%) bijwerkingen als misselijkheid, duizeligheid en hoofdpijn, die hij totaal niet zou ondervinden van een klontje suiker in zijn koffie; de onderzoeker wordt eveneens bij het beoordelen van het effect sterk gekleurd door zijn wens een werkzaam middel te geven en zal daarom gauw geneigd zijn (zelfs volstrekt onopzettelijk) een verbetering vast te stellen die in werkelijkheid niet aanwezig is. Ieder onderzoek met geneesmiddelen waarbij geen vergelijkingsgroep wordt gebruikt en niet dubbelblind wordt gewerkt moet daarom wetenschappelijk gezien als vrijwel waardeloos worden beschouwd.

Het dubbelblind testen is lang niet altijd eenvoudig: veel middelen hebben een typische smaak, en de patiënt kan door gewoon eens op een tablet te kauwen in plaats van het door te slikken proberen er achter te komen of hij de smaak herkent. In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, worden placebotabletten meestal van maïs- of aardappelzetmeel gemaakt en niet van suiker. Daardoor zijn de tabletten van zichzelf smaakloos. Eventueel kan er door de onderzoekers een bittere smaakstof toegevoegd worden om de placebotabletten "echt" te laten smaken.

Randomisatie

Voor het onderzoek wordt een groep patiënten willekeurig (at random) opgesplitst in twee groepen. Eén groep krijgt het te testen middel, de andere een placebo. Soms wordt zelfs gebruik gemaakt van drie groepen, waarbij de derde groep ter vergelijking geheel geen behandeling krijgt. De medicijnen zijn gecodeerd, evenals de patiënten. De betekenis van de codes is slechts bekend bij een persoon die niet (direct) betrokken is bij het onderzoek. Na afloop van de onderzoeksperiode worden de resultaten statistisch verwerkt. De testpersonen worden dan meestal opgedeeld in diverse groepen, bijvoorbeeld een groep waarbij verslechtering optrad, een groep die gelijk bleef en een groep waarbij verbetering optrad. Pas nadat de resultaten allemaal geregistreerd zijn wordt de codering verbroken en wordt duidelijk welke patiënt het echte middel heeft gekregen en welke het placebo. Dan wordt ook duidelijk of een verbetering aan het medicijn is te danken of juist niet. Het komt ook voor dat een getest middel zelfs een verslechtering veroorzaakt, hetgeen dan ook zal blijken. Het is van belang de blindering tot na het verwerken van de testresultaten vol te houden omdat ook bij deze verwerking (onbewuste) vertekening van de resultaten kan plaats vinden als bekend is wie bij welke groep hoort.

De consequente toepassing van het dubbelblind onderzoek is één van de voornaamste redenen dat de medische wetenschap de laatste ca. 100 jaar zeer grote vooruitgang heeft geboekt. Het dubbelblind onderzoek stelt de wetenschap als geen andere methode in staat om dingen die niet werken te scheiden van dingen die wel werken. De basis voor het dubbelblind onderzoek is grotendeels gelegd door inzichten in de psychologische mechanismen die kunnen leiden tot foute beoordelingen en zelfbedrog.

Bron www.wikipedia.be, 3/4/2009

Top

 

Bacteriën op de handen

Het is genoegzaam bekend dat heel wat besmettelijke ziektes overgedragen worden via contact tussen handen (bijvoorbeeld als we iemand bij het begroeten de hand geven).

Een verkoudheid gaat sneller dan u denkt over van uw hand op de trapleuning, van de trap op de hand van uw collega, van uw collega op het telefoontoestel op het bureau enzovoort… tot op de duur iedereen aan het niezen is!

Uit een recente studie van Amerikaanse wetenschappers over dit onderwerp is gebleken dat op een hand gemiddeld 150 soorten bacteriën zitten. Op de 102 onderzochte handen (51 deelnemers) werden alles samen gemiddeld 4700 soorten bacteriën teruggevonden, maar slechts vijf van deze soorten waren zonder uitzondering op alle handen aanwezig.

De onderzoekers stelden bovendien ook vast dat op de handen van de vrouwen een grotere waaier van bacteriën zat dan op die van de mannen. Dat verschil zou mogelijk te verklaren zijn door de hogere zuurgraad (pH) van de mannenhuid - waardoor microben minder gemakkelijk gaan woekeren -, maar ook door de lagere zweetproductie bij vrouwen. Ook het gebruik van vochtinbrengende crèmes en cosmetica door vrouwen zou een rol kunnen spelen in dit fenomeen, net zoals verschillen in de dikte van de huid en in de hormoonproductie.

Iedereen de handen wassen!

Niet alle bacteriën zijn natuurlijk schadelijk – verre van – , maar regelmatig de handen wassen blijft essentieel voor de gezondheid. Het ziekenhuispersoneel weet dit ook: de hygiëne van de handen is van vitaal belang in de strijd tegen infecties! Gebruik bij voorkeur een vloeibare bacteriënwerende zeep boven een stuk vaste zeep en droog uw handen af met een schone handdoek of papieren wegwerphanddoekjes. Was systematisch uw handen na elk toiletbezoek, voor u aan het koken gaat, na gebruik van het openbare vervoer, na het bezoek bij een zieke of na contact met een dier. En die regel geldt zonder onderscheid voor mannen, vrouwen en kinderen!

Uittreksel uit e-gezondheid.be, 6/1/2009

Top

 

Wist u 'dit' over 'ontsmetten'?

Een wonde reinigen én ontsmetten vooraleer u een verband aanbrengt is erg belangrijk. Heel wat mensen gebruiken producten waarmee ze denken een wonde te ontsmetten zonder dat ze dat eigenlijk ook werkelijk doen.

Het best gebruikt u een niet- of lichtkleurend, niet-prikkelend ontsmettingsmiddel (vb. op basis van chloorhexidine). Er bestaan verschillende producten in handige verpakkingen voor eenmalig gebruik. Vraag advies aan uw apotheker.

Wat NIET als ontsmettingsmiddel mag gebruikt worden

  •  
    • mercurochroom: heeft geen reinigende en slechts een licht ontsmettende werking. Het is bovendien sterk kleurend en lokt gemakkelijk allergische reacties uit
    • ontsmettingsalcohol is sterk prikkelend en mag enkel gebruikt worden voor het ontsmetten van instrumenten en van een gave huid vb. ter voorbereiding van een inspuiting. Instrumenten (vb. een pincet om splinters te verwijderen) kan u ontsmetten door het 2 minuten in ontsmettingsalcohol te leggen en vervolgens met een steriel kompres af te drogen.
    • eosine is niet doeltreffend als ontsmettingsmiddel. Door zijn uitdrogende werking wordt het bv. wel gebruikt voor de verzorging van rode babybilletjes of doorligwonden bij bedlegerige personen.
    • ether kan enkel gebruikt worden om vetten en restanten van kleefpleister te verwijderen. Het is bovendien zeer ontvlambaar!
    • zuurstofwater heeft slechts een beperkte ontsmettende werking
    • jodiumtinctuur is af te raden omdat het irriterend kan zijn en allergische reacties kan uitlokken. Aangezien de jodium gemakkelijk door de bloedbaan wordt opgenomen, mag dit product niet gebruikt worden bij kinderen van minder dan 1,5 jaar en bij personen met schildklierproblemen. Jodiumtinctuur heeft bovendien het nadeel de huid geel-bruin te kleuren.

Bron: PlusMagazine, 15 november 2008

Top

 

dat polsspalken effect hebben bij RA?

Er zijn 'rustspalken' en 'werkspalken'. Rustspalken worden minder voorgeschreven. Hun doel is bepaalde gewrichten te immobiliseren zodat ontsteking en pijn kan verminderd worden en misvormingen  vermeden. Rustspalken worden gebruikt bij opstoten en gedurende de nacht.

Een werkspalk omsluit de pols en geeft deze zo ondersteuning. Anderzijds laat de spalk vingers en duim vrij, zodat er activiteiten mee mogelijk zijn. Het belangrijkste doel van de spalk is de pijn in de pols te verminderen, functiecapaciteit te verbeteren en het voorkomen of verbeteren van misvormingen. De werkspalk wordt gebruikt gedurende de dagelijkse activiteiten.

Waarom een polsspalk de pijn vermindert, kunnen we slechts speculeren. Het kan komen doordat de spalk steun geeft en de bewegingen in de pols reduceert, maar ook doordat soms de ontstekingen afnemen.

Wie last heeft van een pijnlijke en ontstoken pols en een spalk zou willen uitproberen, kan contact opnemen met zijn reumatoloog, ergotherapeut of huisarts. Zij kunnen je een spalk voorschrijven.

15 november 2008

Top

 

dat er elk jaar 194.500 doden vallen door medicijnen?

Jaarlijks sterven 194.500 Europeanen aan de medicijnen die hen hadden moeten genezen: het gebruik van verkeerde geneesmiddelen, het verkeerd gebruik van de juiste geneesmiddelen, over- en onderdosering, niet-gebruik en ongewenste nevenwerkingen.

Dat berekende de Pharmaceutical Group of the European Uion. Het juiste gebruik van medicijnen en het volhouden ervan (therapietrouw) is een groot probleem: 20 à 30% van de patiënten houdt zich niet aan het behandelingsschema. Voor preventieve behandelingen loopt dit op tot 30 à 40%. Bij chronische aandoeningen tot 50%.

Bron: maczima, 14 oktober 2008

Top

 

Wist u dat eHealth: een nieuw gezondheidsplatform is?

Het project voor een nationaal elektronisch platform (eHealth) dat de medische gegevens van elke burger bevat, doet heel wat inkt vloeien… Artsenverenigingen zien het spookbeeld van "big brother" al opdoemen, met alle gevaren voor de privacy van dien. Het eHealth-platform streeft een betere coördinatie na tussen de verschillende actoren in de gezondheidszorg: zorgverleners en -instellingen, ziekenfondsen, de FOD Volksgezondheid, het RIZIV en de overheidsdiensten van de Gemeenschappen en Gewesten, maar ook patiënten. Doel van een dergelijk platform: de administratieve formaliteiten vereenvoudigen, want die veroorzaken heel wat tijd- en geldverlies. Maar ook en vooral: de kwaliteit van de gezondheidszorg en de veiligheid van de patiënt verhogen, door alle gegevens uit zijn medisch dossier te bundelen. Die zijn immers vaak versnipperd tussen de verschillende zorginstellingen en -verleners. Een lovenswaardig doel, maar de artsenvereniging zijn er niet bepaald over te spreken.

eHealth is een gigantisch platform voor digitale centralisatie. Het is bestemd voor verschillende toepassingen, zoals de mogelijkheid om geneesmiddelen voor te schrijven online, de medische evaluaties door te sturen van personen met een handicap, en artsen de medische gegevens van een patiënt te laten uitwisselen.

De artsenverenigingen wijzen op verschillende tekortkomingen die indruisen tegen de bescherming van de privacy. Voor de artsen is het duidelijk: zoals de zaken er vandaag voorstaan beschermt eHealth te weinig de privacy van de burgers.

Het principe is goed, maar de concrete uitwerking... De meeste artsen vragen en steunen een initiatief om de coördinatie inzake gezondheidszorg te verbeteren. Toch maken ze heel wat voorbehoud bij een project dat gelanceerd is zonder veel overleg, waarbij de hoofdbetrokkenen - artsen en patiënten - nog niet veel inspraak hebben gehad. Het feit dat het platform beheerd wordt door een sociale-zekerheidsinstelling , illustreert volgens hen deze jammerlijke machtsconcentratie. Vandaar dat ze een grotere rol eisen voor patiënten en zorgverleners in de beheers- en controle-instanties van het platform. Zodat eHealth een ordentelijk huis wordt, geen publieke marktplaats.

19/08/2008 Julie Luong, gezondheidsjournaliste (Bron: e-gezondheid.be)

Bewerking: Mia

Top

 

Wist u dat de SIS-kaart wellicht maar tot 2011 zal leven?

Ze is dan 14 jaar. Ze doet twee dingen: ze zegt wie je bent en of je "in orde bent" met de sociale zekerheid. In 2011 volstaat het met je elektronische identiteitskaart te zeggen wie je bent; de E-Health-computers zullen de zorgverlener melden of je "in orde" bent. Met E-Health zal het ook kunnen elektronisch op te vragen of een patiënt een wilsbeschikking voor euthanasie heeft.

Bron: www.demorgen.be, 9 augustus 2008

Top

 

Wist u dat er heel wat misvattingen bestaan over reumatische aandoeningen en voeding?

16/04/2008 - Er wordt nog al te vaak en volkomen onterecht een link gelegd tussen “zuur” bloed en reuma en jicht. De bewering dat zure of zuursmakende voedingsmiddelen zoals tomaten en yoghurt jicht of andere reumatische aandoeningen zouden veroorzaken is dan ook volledig uit de lucht gegrepen.

Voeding maakt het bloed niet zuur

 

Het zuurgehalte van het bloed wordt op geen enkele manier beïnvloed door voedingsmiddelen die veel of weinig zuur zouden bevatten. De zuurtegraad (de pH) van het bloed wordt los van de voeding door een aantal controlemechanismen in ons lichaam zeer nauw geregeld tussen 7,35 en 7,45. Een verhoging van het zuurgehalte in het bloed komt slechts voor in zeer ernstige, acute ziektetoestanden die bovendien vaak terminaal zijn. De zuurtegraad van het bloed bij jichtpatiënten en andere reumalijders is absoluut normaal.

Het zuurgehalte van het bloed heeft ook niets te maken met de urinezuurconcentratie in het bloed die verhoogd is bij jicht. 99 % van het urinezuur in het bloed is bovendien aanwezig in de vorm van uraat, het neutrale zout van urinezuur.

Geen voedselallergie

Een tweede belangrijke misvatting is dat reuma te wijten is aan een voedselallergie tegen bijvoorbeeld melk of eieren. In tegenstelling tot aandoeningen zoals allergisch eczema heeft de meerderheid van de reumapatiënten geen specifieke voedselallergie.

Voeding en reuma ?

Er bestaat voorlopig nog geen wonderdieet voor reuma. Een direct oorzakelijk verband tussen voeding en het ontstaan van reumatische aandoeningen is nooit aangetoond. Een aangepaste voeding gebaseerd op de voedingsdriehoek kan wel een belangrijke ondersteunende rol spelen.

Belangrijke aandachtspunten:

 

 

  •  
    • streven naar een gezond lichaamsgewicht (geen overdaad aan calorieën);
      alcohol sterk beperken;
    • voldoende water drinken; 
    • veel groenten en fruit eten; 
    • regelmatig vis eten; 
    • voldoende calcium via de voeding opnemen (zuivelproducten zijn onze voornaamste calciumleveranciers); 
    • regelmatig lichaamsbeweging nemen wat een positief effect heeft op zowel de botmassa als de spierfunctie.

Met andere woorden, de aanbevelingen komen overeen met een gezonde voedings- en leefwijze die ook gunstig is voor andere dan reumatische aandoeningen.

Uit: www.niceinfo.be (23 oktober 2002) bijgewerkt op : 24-03-2004

 

Top

 

Wist u wat een bijwerking juist is?

4/03/2008 - Een medicijn kan in ons lichaam één of meerdere reacties uitlokken. Behalve de gewenste werking tegen een bepaalde kwaal heeft het dan ook vaak één of enkele andere effecten. Worden die als negatief ervaren, dan spreken we van een bijwerking. Het gaat dus om een onbedoeld, al dan niet schadelijk effect dat optreedt wanneer u een geneesmiddel gebruikt in de normale dosering voor de voorkoming of genezing van een aandoening. Wie bijwerkingen ondervindt en in welke mate, hangt af van de genomen dosis, de leeftijd, de gezondheidstoestand, de weerstand enz. Wie verschillende medicijnen neemt, loopt meer kans op een bijwerking. Ook kleine kinderen en ouderen zijn vatbaarder, omdat ze de stoffen nog niet of niet meer optimaal verwerken. Tijdens de zwangerschap zijn vele medicijnen af te raden, vanwege de mogelijke gevolgen voor de baby. 

Sinds ik een bepaald medicijn gebruik, heb ik last van ongewone symptomen. Wat moet ik doen?

Als u vermoedt dat de symptomen aan het geneesmiddelengebruik te wijten zijn, aarzel dan niet om dat met uw arts, apotheker of tandarts te bespreken. Die kan er het Centrum voor Geneesmiddelenbewaking van op de hoogte brengen. U kunt uw probleem ook beschrijven in het meldformulier op onderstaande website. Wie een papieren versie verkiest, kan die aanvragen op het nummer 02 542 33 94.

Uit: www.test-aankoop.be  

 

Top

 

Wist u dat het Latijnse woord 'placebo' betekent 'ik zal behagen'?

3/03/2008 - Het is in de geneeskundige praktijk terechtgekomen in situaties waarbij van medisch ingrijpen voor de patiënt geen heil meer te verwachten was. Eind 18de eeuw werd in een medisch boek een placebo omschreven als een middel dat wel behaagt maar niet geneest. Tegenwoordig verstaan we onder een placebo een in uiterlijk, geur en smaak niet van een echt geneesmiddel te onderscheiden nepmiddel, zonder farmacologische werking, dat gebruikt wordt bij onderzoek naar het effect van geneesmiddelen. In zo'n onderzoek wordt een aantal goed vergelijkbare patiënten met een zelfde aandoening in twee groepen verdeeld, waarbij de ene het te testen middel krijgt en de andere een placebo. Tot het eind van het onderzoek weten patiënten noch onderzoeker wie wat krijgt ('dubbelblind'). Als het geheim tenslotte wordt onthuld kan eenvoudig worden nagegaan of het te testen middel inderdaad meer effect had dan de placebo en dus als werkzaam kan worden beschouwd. Toen dit soort onderzoek voor het eerst gedaan werd, stuitte men op een verrassend verschijnsel dat 'placebo-effect' is gaan heten. Dit is het verschijnsel dat niet alleen het echte middel, maar ook de placebo een gunstige werking heeft op de klachten waarmee de te bestrijden ziekte gepaard gaat, zij het in mindere mate. Bij sommige klachten kan dit effect zelfs heel sterk zijn. Een volledige verklaring voor dit fenomeen ontbreekt nog maar het ligt voor de hand dat psychologische factoren een hoofdrol spelen. (Uit: www.kwakzalverij.nl)

 

Top

 

Wist u dat menige patiëntenvereniging een nuttige raad geeft die ieder van ons kan toepassen: het dagelijks opmaken van een "logboek" of een gezondheidsdagboek?

24/11/2007 - Daarin noteert de patiënt dagelijks of wekelijks hoe zijn ziekte verloopt. Het belangrijke ervan is het noteren van wat je voelt, wat je meemaakt, welke medicatie je neemt, hoeveel enz.
Het nauwkeurig noteren maakt het verslag bij de huisarts en de specialist veel makkelijker. We vergeten vlug dingen te vermelden die heel belangrijk zijn voor de behandelende arts.
Ook heel nuttig is het opmaken van een soort medische identiteitskaart met je naam en adres, bloedgroep en al je medisch verleden zoals ziekten, ingrepen, medicatie enz. Dit vraagt wat werk maar helpt heel wat wanneer je opgenomen wordt of naar een nieuwe arts gaat en moet vertellen wat er allemaal gebeurde in je leven op medisch gebied.

 

Top

 

Wist u dat in Scandinavië een label bestaat "Easy to open"?

30/11/2007 - Zoals we allemaal als RA-patiënt ondervinden zijn er talrijke verpakkingen (de meeste zelfs) die zeer moeilijk of zelfs onmogelijk te openen zijn met onze pijnlijke en soms misvormde handen. Sommige verpakkingen (vb. van een tandenborstel) kunnen zo hardnekkig zijn dat we ze met een schaar te lijf moeten gaan en er dan nog niet in slagen. Plastiek is te stug en hard, karton te dik en stijf, stippellijnen die aangeven waar indrukken kunnen we niet ingedrukt krijgen, lipjes (van melk) zijn te klein of (van blikjes) te stroef, enz. Zelfs het openen van onze medicijnen geeft dikwijls problemen. Niet zelden moeten de tanden aangesproken worden.
In Nederland denkt men er aan te ijveren voor een keurmerk dat aangeeft of een verpakking makkelijk te openen is. In de Scandinavische landen vinden bedrijven het verkrijgen van het keurmerk een kwestie van prestige. Zouden we hier in België ooit mogen van dromen?!

Mia

 

Top

 

Wist u dat er meer geld voor chronisch zieken komt?

De Algemene Raad van het Riziv heeft maandag de begroting 2008 voor de gezondheidszorg goedgekeurd. Alles samen gaat het om een budget van 21,434 miljard euro. Daarin is 340 miljoen euro voorzien voor nieuwe initiatieven. Daarin dient 48 miljoen euro voor de bescherming van de chronische zieken en is een enveloppe van 83 miljoen euro toegekend aan de geneesheren en ziekenfondsen voor het sluiten van een Medicomut-akkoord voor volgend jaar.

Lees het volledig artikel op www.medinews.be

 

Top