Ga terug naar de homepage

Wat gebeurt er in een gewricht bij RA? - HANDEN

 

Wat gebeurt er in een gewricht wanneer dit aangetast wordt door reumatoïde artritis?

Reumatoïde Artritis tast in de eerste plaats de gewrichten aan en dit begint met ontsteking van het gewrichtsvlies (of synoviaal vlies of synovium). Dit is de slijmvliesbekleding van gewrichtsholten, peesscheden en slijmbeurzen, die een soepele beweging van het gewricht toelaten. Door de ontsteking gaat het gewrichtsvlies sterk zwellen en zelfs aangroeien tot verschillende centimeters dik in de grote gewrichten.


Deze destructieve weefselmassa leidt uiteindelijk tot onherstelbare kraakbeenschade en boterosies. Als gevolg van de ontsteking zal het gewrichtsvlies een overmatige hoeveelheid gewrichtsvocht of synoviaal vocht afscheiden. 

Vooral de plotse toename van vocht kan het gewricht onder hoge spanning zetten, wat zeer pijnlijk is. De overmatige hoeveelheid gewrichtsvocht bevat zeer veel witte bloedcellen, en deze bevatten op hun beurt enzymen (eiwitten) die de weefsels kunnen aantasten.


Wanneer de ontsteking lang duurt zien we op de eerste plaats ontkalking van het bot rond de ontstoken gewrichten. Nadien zal het kraakbeen verweken en verdunnen en zelfs volledig verdwijnen.


De gewrichtkapsels kunnen verweken en ten slotte kan het bot aangetast worden en in zekere mate worden uitgevreten. Dit alles veroorzaakt instabiliteit van het gewricht, waardoor dit een verkeerde stand gaat aannemen (misvormingen). Zowel door de pijn als door de verkeerde stand wordt het gebruik van het gewricht dikwijls moeilijk of zelfs helemaal onmogelijk, wat tot belangrijke invaliditeit kan leiden.

Deze tekening toont alle gewrichten die kunnen aangetast worden door reumatoïde artritis. Meestal raken vooral de kleine gewrichten van voeten en handen ontstoken.


Anatomie van de vingergewrichten
De vingergewrichten bestaan uit drie hoofdgewrichten: het proximale interfalangeale (PIP) gewricht, het distale interfalangeale (DIP) gewricht en het metacarpofalangeale (MCP) gewricht.
Het PIP-gewricht bevindt zich tussen de proximale en middelste vingerkootjes van de vinger. Het is een scharniergewricht dat flexie- en extensiebewegingen mogelijk maakt. Het gewricht wordt gestabiliseerd door ligamenten aan de zijkanten en een handpalmplaat aan de handpalmzijde.
Het DIP-gewricht bevindt zich tussen de middelste en distale vingerkootjes van de vinger. Net als het PIP-gewricht is het ook een scharniergewricht dat flexie en extensie mogelijk maakt. Ligamenten en een handpalmplaat zorgen ook voor stabiliteit van dit gewricht.
Het MCP-gewricht bevindt zich aan de basis van de vinger en verbindt het middenhandsbeentje met de proximale falanx. Dit gewricht maakt flexie-, extensie-, abductie- en adductiebewegingen mogelijk. Het is een condyloïde gewricht, wat betekent dat het beweging in twee vlakken mogelijk maakt. Ligamenten en een dik gewrichtskapsel bieden ondersteuning en stabiliteit aan het MCP-gewricht.

 


Handmisvormingen bij RA


Triggerfinger (haperende vinger, springvinger):

Springvinger wordt veroorzaakt door een zwelling in de pees of een vernauwing van de schede rond de pees. De buigpezen van de hand zorgen ervoor dat de vingers kunnen bewegen. Wanneer een buigpees ontstoken is, wordt dit tenosynovitis genoemd. De middelste knokkel zit vast in een gebogen positie, waardoor de vinger in de stand blijft zoals bij het overhalen van de trekker van een geweer.


Boutonniere misvorming of knoopsgat-misvorming (strekpeesletsel): 

Deze handmisvorming, ook wel knoopsgat misvorming genoemd, treedt op wanneer de middelste knokkel (PIP-gewricht) vast komt te zitten in een gebogen stand, terwijl de grote knokkel (MCP gewricht) en het buitenste gewricht (DIP-gewricht) overstrekken.

Zwanenhalsvinger:


Is een abnormale positionering van de gewrichten in de vingers. Het is genoemd vanwege de manier waarop een geraakte vinger buigt, waardoor het een gebogen vorm krijgt die lijkt op de nek van een zwaan.


De liftersduim, ook wel eendenbek of Z-duim genoemd:

Treedt op wanneer de grote knokkel van de duim (MCP gewricht) abnormaal buigt terwijl de bovenste knokkel (IP-gewricht) overstrekt is.
Sommige mensen denken dat deze abnormale buiging op een Z-vorm lijkt.


Ulnaire afwijking, ook wel ulnaire drift genoemd:


Verwijst naar een afwijking, wanneer de vingers van de duim weg groeien. Deze misvorming treedt op wanneer de grote gewrichten (MCP gewrichten) dermate beschadigd zijn dat de vingers ontwricht raken en zijwaarts op drift groeien, in de richting van de ellepijp van de onderarm.

 

Andere handcomplicaties kunnen optreden. Reumatoïde artritis is niet alleen de oorzaak van schade aan de handzenuwen maar er kan zeker ook een oorzakelijk verband zijn.
Daarom geven we ze hier ook weer.


Het carpale tunnelsyndroom (CTS)  


De carpaal tunnel is een nauw kanaal gevormd door de handwortelbeentjes en een stevig peesblad tussen pink en duimmuis aan het begin van de handpalm. In deze tunnel lopen de buigpezen van de vingers en de zenuw, die de zachtste structuur is, en daardoor het meest gevoelig is voor druk. Bij RA ontstaat het carpale tunnelsyndroom door een ontsteking in de peesscheden in de pols. Bij deze ontsteking vormt zich een zwelling, waardoor de zenuw die door de pols loopt klem komt te zitten. Eerst zijn er gevoelsstoornissen en tintelingen in de 3 middelste vingers. Ook kan een verdoofd gevoel van de vingertoppen ontstaan en een verminderde kracht waardoor gemakkelijk dingen uit de hand kunnen vallen. De pijn kan uitstralen via de onderarm en elleboog tot in de schouder.


Het cubitaal tunnelsyndroom


Zenuwbeknellingen ontstaan het vaakst bij de pols (carpale tunnelsyndroom) en de elleboog (cubitaal tunnel syndroom). Cubitaal tunnel syndroom veroorzaakt pijn, verlamming of gevoelloosheid van de ringvinger en pink bij het bewegen van de arm. De pijn wordt veroorzaakt door een irritatie van de ulnaris zenuw die wordt afgekneld langs de rand van de elleboog. De druk zorgt voor tintelingen of een pijnlijk gevoel. De nervus ulnaris is één van de belangrijke zenuwen van de hand. Cubitaal tunnel syndroom is niet te verwarren met carpale tunnel syndroom, omdat het carpale tunnel syndroom van invloed is op de eerste drie vingers en het cubitaal tunnel syndroom de ringvinger en pink raakt. 


Behandelingen
Handmisvormingen kunnen meestal mits behandeling worden vermeden of vertraagd.
Er zijn echter bepaalde behandelingen specifiek voor de handen:

◊    Ergotherapie kan de gewrichten in de polsen en vingers versterken en de behendigheid van de handen verbeteren. Naast de verbetering van de functionaliteiten van een hand kan ergotherapie het risico op toekomstige misvorming verminderen.
◊    Spalken kan de handgewrichten stabiliseren en verdere misvorming beperken. Er zijn verschillende soorten beugels, o.a. kleinere beugels die een enkele knokkel kunnen stabiliseren en grotere types die de pols en het hand stabiliseren. Spalken is minder gebruikelijk geworden, deels dankzij chirurgische vervanging van vinger- en polsgewrichten.
◊    Operatieve vervangingen van vinger- en polsgewrichten zijn in de afgelopen jaren fel geëvolueerd. Deze operaties zijn geen wondermiddel maar een behandeling voor patiënten die hun handfunctie als gevolg van misvorming hebben verloren. Tijdens de procedure zal een handchirurg de beschadigde botoppervlakken van het gewricht verwijderen en deze met prothesen uit metaal of kunststof vervangen.

Hoe eerder stappen worden ondernomen om gewrichtsbeschadiging te voorkomen, hoe groter de kans om misvormingen te vermijden.

    

 

Bron: RA Liga vzw

 

 

Geplaatst op
11-04-2025
Uit